STATUTEN
1. Artikel 1 – Naam en zetel
1. De coöperatie draagt de naam: Coöperatie LochemEnergie U.A.
2. De coöperatie is gevestigd te Lochem.
2. Artikel 2 - Doel
1. De coöperatie heeft als doel bij te dragen aan de energietransitie en de
daarbij behorende maatschappelijke ontwikkeling. Met dit doel voorziet de
coöperatie in de stoffelijke behoeften van haar leden krachtens
overeenkomsten, met hen gesloten in het bedrijf dat zij te dien einde ten
behoeve van haar leden uitoefent of doet uitoefenen. (NB: door toevoeging
van deze zin voldoet de coöperatie aan de wettelijke vereisten.) Zij kan ook de
maatschappelijke belangen van leden behartigen.
Keuzemogelijkheden:
• Brede doelstelling: Lochem kiest voor werken aan de energieke samenleving in
brede zin, zoals ook aan maatschappelijke en economische doelstellingen op
terrein van voorzieningen, mobiliteit, landschap, natuur, zorg, welzijn.
• Smalle doelstelling: werken aan de energietransitie; beperking tot alles wat met
energietransitie te maken heeft.
Beide varianten komen vaker voor.
2. Het bedrijf dat de coöperatie uitoefent of doet uitoefenen omvat:
I. het stimuleren van het gebruik van duurzame, lokaal opgewekte
energie in de gemeente Lochem;
II. het produceren of doen produceren van duurzame energie in de
gemeente Lochem, direct of indirect ten behoeve van de leden;
III. het collectief inkopen van energie en/of daaraan gerelateerde
producten en/of diensten ten behoeve van haar leden;
IV. het bevorderen van energiebesparing door haar leden;
V. het bevorderen van de sociale samenhang binnen Lochemse
gemeenschappen in het algemeen en de samenwerking tussen leden
in het bijzonder.
VI. al hetgeen daartoe behoort of bevorderlijk kan zijn, alles in de ruimste
zin.
Artikel 2.2 lid 1 t/m 6 zijn voorbeelden van deeldoelen die opgenomen kunnen worden.
Dit is aan te passen door herformuleren, weg te laten of toe te voegen.
Sterke Statuten, voorbeeldstatuten voor startende coöperaties
Kenniscluster Coöperatieontwikkeling HIER opgewekt
Update mei 2019
4
3. De coöperatie kan de overeenkomsten die zij met haar leden sluit ook met
derden aangaan, mits niet in zodanige mate dat de overeenkomsten met de
leden van ondergeschikte betekenis zijn.
Belangrijk lid: wettelijk benodigde bepaling als de coöperatie ook financiële relaties aan
wil gaan met derden (o.a. energieklanten werven bijvoorbeeld). Een coöperatie mag
overeenkomsten zoals zij die met de leden sluit, ook aangaan met derden. Een vereiste
is dan wel dat de statuten dat ook met zoveel woorden zeggen. Het tweede deel van
deze zin bepaalt dat het nastreven van de doelen (art 2.1 en 2.2) voor haar leden altijd
belangrijker moet blijven dan de verplichtingen voortkomend uit de relaties met derden.
4. Zij tracht dit doel onder meer te bereiken door:
i. het uitoefenen van een bedrijf ten behoeve van de leden;
ii. het verwerven, oprichten en exploiteren van duurzame energie-,
opwekkings-middelen, waaronder zonne-energiesystemen, wind- en
waterkrachtsystemen;
iii. het sluiten van overeenkomsten met leden teneinde te voorzien in hun
behoefte aan duurzame, lokaal geproduceerde energie;
iv. het oprichten van, deelnemen in of samenwerken met organisaties, als
dat voor het bereiken van het doel van de coöperatie bevorderlijk kan
zijn;
v. het geven van voorlichting over de lokale opwekking van- en het
gebruik van duurzame energie;
vi. het uitvoeren van alle voorkomende werkzaamheden die met het
vermelde doel in verband staan of daartoe bevorderlijk kunnen zijn.
Artikel 2.4 lid 1 t/m 6 zijn voorbeelden van deeldoelen die opgenomen kunnen worden.
Dit is aan te passen door herformuleren, weg te laten of toe te voegen.
3. Artikel 3 – Aanvraag en toelating lidmaatschap; het ledenregister
1. Leden van de coöperatie kunnen zijn natuurlijke personen en rechtspersonen
die woonachtig of gevestigd zijn in de gemeente Lochem. In een huishoudelijk
reglement kunnen nadere vereisten voor het lidmaatschap worden gesteld.
Sterke Statuten, voorbeeldstatuten voor startende coöperaties
Kenniscluster Coöperatieontwikkeling HIER opgewekt
Update mei 2019
5
Keuzemogelijkheden:
Maak bewust een onderscheid tussen:
• Leden: hebben zeggenschap (stemrecht) binnen de coöperatie. Leden hebben
een “stoffelijk belang” binnen de coöperatie (zie art2).
• Klanten: hebben een transactie relatie met de coöperatie of met projecten
uitgevoerd door de coöperatie of haar bedrijven. Dit kunnen zijn energieklanten,
maar ook ouders die de zonnepanelen op het dak van de school meefinancieren.
• Donateurs: ondersteunen de coöperatie (meestal financieel), maar kiezen ervoor
geen stoffelijk belang onder te brengen in de coöperatie. Donateurs hebben geen
stemrecht (tenzij ze lid zijn)
Leden kunnen ook klant zijn, en vv, en kunnen tevens donateur zijn.
Sommige coöperaties stellen aan het lidmaatschap de eis dat het lid energie,
diensten of prestaties moet afnemen van of leveren aan de coöperatie. Diegenen
die dit niet willen/kunnen worden donateur. Met deze keuze wordt het stoffelijke
belang in de coöperatie helderder, echter het kan een negatief effect hebben op het
karakter van de energie coöperatie als brede maatschappelijke organisatie. Hoewel
“donateurs” in veel statuten van energie coöperaties benoemd worden, is het de
vraag of deze categorie wel strookt met het karakter van een coöperatie zijnde een
bedrijfsvorm om te voorzien in de stoffelijke behoeften van de leden.
Lidmaatschap, keuzemogelijkheden
• De gemeente of gemeenteregio versus geen geografische afbakening. Dit kan effect
hebben op het profiel van de coöperatie (lokale gebondenheid)
Type lidmaatschap:
• particulieren (natuurlijke personen) en/of bedrijfsleden (natuurlijke en/of
rechtspersonen), en/of maatschappelijke en/of publieke rechtspersonen. De keuze
heeft effect op je profiel
• gewone leden versus kapitaalleden (die ook investeren in de coöperatie met
eventueel aparte rechten). Bijvoorbeeld Weertenergie geeft kapitaalleden extra
stemrecht wat dan wel weer gemaximeerd wordt zodat de stemmen bepaald door
kapitaalinbreng altijd een minderheid vormen.
2. Een samenwerkingsvorm zonder rechtspersoonlijkheid kan als lid worden
aangemerkt, mits de (rechts)personen die van deze samenwerkingsvorm deel
uitmaken en één van hen of een derde aanwijzen om krachtens schriftelijke
volmacht de samenwerkingsvorm tegenover de coöperatie in alle opzichten te
vertegenwoordigen. De samenwerkingsvorm wordt als één lid aangemerkt.
Sterke Statuten, voorbeeldstatuten voor startende coöperaties
Kenniscluster Coöperatieontwikkeling HIER opgewekt
Update mei 2019
6
Bij defungeren van de gevolmachtigde zullen de leden van de
samenwerkingsvorm op straffe van opschorting van hun rechten een nieuwe
gevolmachtigde aanwijzen.
Bijzondere bepaling: art 3.2 komt niet vaak voor, is situatie specifiek.
3. De aanvraag van het lidmaatschap van de coöperatie geschiedt door een
schriftelijk verzoek aan het bestuur onder verstrekking van alle door het
bestuur verlangde gegevens.
Het bestuur beslist binnen één maand na ontvangst van het verzoek over de
toelating en deelt de beslissing schriftelijk aan de aanvrager mee.
Ingeval van niet toelating door het bestuur kan de algemene vergadering niet
alsnog tot toelating besluiten.
4. Het bestuur houdt een ledenregister bij waarin de namen en adressen van de
leden zijn vermeld, en bij samenwerkingsvormen zonder rechtspersoonlijkheid
de naam en het adres van degene die de samenwerkingsvorm
vertegenwoordigt.
Het register ligt voor de leden ter inzage.
4. Artikel 4 - Overdracht en overgang lidmaatschap
1. Het lidmaatschap is vatbaar voor overgang door fusie, splitsing of
erfopvolging, met dien verstande dat de lidmaatschapsrechten pas kunnen
worden uitgeoefend nadat de overgang is goedgekeurd door het bestuur.
2. De regels van artikel 3 lid 3 zijn van overeenkomstige toepassing.
Keuze: dit artikel lijkt bovenal belangrijk in geval van bedrijfsleden; wat gebeurt er met
het lidmaatschap bij fusie, splitsing of opvolging door een erfgenaam?
5. Artikel 5 - Einde lidmaatschap
1. Het lidmaatschap eindigt:
i. door overlijden van het lid. Is een rechtspersoon lid van de coöperatie
dan eindigt zijn lidmaatschap wanneer hij ophoudt te bestaan, tenzij dit
ophouden te bestaan het gevolg is van fusie of splitsing en het
lidmaatschap vatbaar is voor overgang;
ii. door opzegging door het lid;
iii. door opzegging door de coöperatie;
iv. door ontzetting.
2. Opzegging van het lidmaatschap door het lid kan slechts geschieden tegen
het einde van een boekjaar, mits schriftelijk en met inachtneming van een
opzeggingstermijn van ten minste vier weken.
Niettemin is onmiddellijke beëindiging van het lidmaatschap door opzegging
mogelijk:
Sterke Statuten, voorbeeldstatuten voor startende coöperaties
Kenniscluster Coöperatieontwikkeling HIER opgewekt
Update mei 2019
7
i. indien redelijkerwijs niet gevergd kan worden het lidmaatschap te laten
voortduren;
ii. binnen een maand nadat een besluit waarbij anders dan geldelijk de
rechten van de leden zijn beperkt of hun verplichtingen zijn verzwaard
aan een lid bekend is geworden of medegedeeld;
iii. binnen een maand nadat een lid een besluit is medegedeeld tot
omzetting van de coöperatie in een andere rechtsvorm of tot fusie, dan
wel splitsing.
Indien een opzegging niet tijdig heeft plaatsgehad, loopt het lidmaatschap
door tot het einde van het eerstvolgende boekjaar.
3. Opzegging van het lidmaatschap door de coöperatie kan eveneens slechts
geschieden tegen het einde van een boekjaar. De opzegging geschiedt door
het bestuur, schriftelijk en met inachtneming van een opzeggingstermijn van
ten minste vier weken.
Opzegging van het lidmaatschap door de coöperatie kan slechts plaatsvinden:
i. wanneer een lid heeft opgehouden aan de vereisten - door de statuten
en/of het huishoudelijk reglement aan het lidmaatschap gesteld - te
voldoen;
ii. wanneer redelijkerwijs van de coöperatie niet gevergd kan worden het
lidmaatschap te laten voortduren;
iii. ingeval een samenwerking als bedoeld in artikel 3 lid 2 wijzigt van
samenwerkingsvorm;
iv. ingeval een lid van de coöperatie toetreedt tot een
samenwerkingsvorm als bedoeld in artikel 3 lid 2;
v. ingeval van opzegging met onmiddellijke ingang is de
beroepsprocedure in lid 4 van dit artikel van overeenkomstige
toepassing.
Het bepaalde in de laatste zin van het vorige lid is van overeenkomstige
toepassing, met dien verstande dat opzegging kan geschieden met
onmiddellijke ingang in het geval sub b hiervoor vermeld.
4. Ontzetting uit het lidmaatschap kan alleen worden uitgesproken wanneer een
lid in strijd met de statuten, reglementen of besluiten der coöperatie handelt of
wanneer een lid de coöperatie op onredelijke wijze benadeelt.
De ontzetting geschiedt door het bestuur, dat het betrokken lid ten spoedigste
schriftelijk van het besluit, met opgave van redenen in kennis stelt.
De betrokkene is bevoegd binnen een maand na ontvangst van de
kennisgeving in beroep te gaan bij de algemene vergadering. Gedurende de
beroepstermijn en hangende het beroep is het lid geschorst.
5. Het bestuur kan een lid dat handelt in strijd met de statuten, reglementen of
besluiten van de coöperatie of de coöperatie op onredelijke wijze benadeelt,
schorsen voor een door het bestuur te bepalen periode van maximaal zes (6)
maanden. Het bepaalde in lid 4 over een beroep is van overeenkomstige
toepassing.
6. Artikel 6 – Geldmiddelen; heffingen en aansprakelijkheid
1. De geldmiddelen van de coöperatie bestaan uit: de jaarlijkse contributies van
de leden, het inleggeld van (toetredende) leden, giften, erfstellingen, subsidies
en het door de Algemene Vergadering gereserveerde deel van een eventueel
batig saldo en andere inkomsten. Het bestuur bepaalt wanneer het inleggeld
Sterke Statuten, voorbeeldstatuten voor startende coöperaties
Kenniscluster Coöperatieontwikkeling HIER opgewekt
Update mei 2019
8
dient te worden voldaan. Jaarlijks wordt door de algemene vergadering de
hoogte van de contributie en van het inleggeld vastgesteld.
Het niet-gestorte gedeelte van het inleggeld is steeds opeisbaar.
Het inleggeld behoort tot het eigen vermogen van de coöperatie en wordt bij
uittreding niet terugbetaald, indien in de loop van het boekjaar het
lidmaatschap eindigt, blijven de contributie en het inleggeld voor het geheel
verschuldigd.
Inbreng van kapitaal, keuzemogelijkheden:
Inleggeld: om lid te worden moet minimaal 1 participatie gekocht worden als inleggeld
in het kapitaal van de coöperatie. De coöperatie heeft een participatiereglement waarin
de condities (looptijd, wel of geen rente, maximum, overdraagbaarheid , risico’s, etc.)
zijn vastgelegd.
• Participaties: leden wordt op vrijwillige basis gevraagd financieel te participeren in
de coöperatie. In het participatiereglement worden de condities voor participaties
vastgelegd.
• Donaties: Iedereen die de coöperatie een goed hart toedraagt, kan de coöperatie
financieel steunen via een eenmalige of terugkerende donatie.
Deze keuzes hebben effect op het lidmaatschap. In principe geldt binnen de
coöperatie: elk lid één stem. Echter het belang van een lid dat (zwaar) financieel
investeert in de coöperatie is anders dan het belang van een lid dat enkel zijn jaarlijkse
contributie betaalt.
• Moet dit terugkomen in het stemrecht? Hoe dan?
• Moet dit terugkomen in de benoeming van het bestuur en/of coöperatieraad (raad
van toezicht)? Hoe dan?
Aangeraden wordt in de statuten de mogelijkheden te benoemen en te verwijzen naar
het participatiereglement. Een enkele coöperatie kiest ervoor de gedetailleerde
uitwerking van de condities van kapitaal participaties op te nemen in de statuten.
Dit wordt niet aangeraden, omdat het daarmee erg moeilijk wordt de condities aan
te passen aan de praktijkervaringen.
2. Degenen die bij de ontbinding van de coöperatie leden waren, of minder dan
één jaar tevoren hebben opgehouden leden te zijn, zijn tegenover de
coöperatie voor gelijke delen voor een tekort aansprakelijk, met dien
verstande dat elk lid of elk gewezen lid voor niet meer dan voor zijn/haar inleg
kan worden aangesproken.
Sterke Statuten, voorbeeldstatuten voor startende coöperaties
Kenniscluster Coöperatieontwikkeling HIER opgewekt
Update mei 2019
9
Belangrijk artikel: wees transparant t.o.v. de leden hoever hun aansprakelijkheid
gaat, ook is dat bij wet geregeld via de U.A. vorm of de B.A. vorm (artikel 1)
Keuzemogelijkheden: coöperatie vorm U.A. of B.A.
• U.A.: uitgesloten aansprakelijkheid; de leden zijn uitgesloten van aansprakelijkheid
voor de risico’s die de coöperatie zou kunnen lopen. Door het gebrek aan dekking
heeft dit een beperkend effect op de kredietwaardigheid van de coöperatie. Het
verlaagt wel de drempel om lid te worden.
• B.A.: beperkte aansprakelijkheid; de leden zijn in geval van ontbinding
aansprakelijk voor de tekorten tot een maximum bedrag bepaald in de statuten.
Hiermee wordt de kredietwaardigheid (bankleningen) van de coöperatie verhoogd,
wat een voordeel kan zijn bij grotere investeringen als windmolens..
7. Artikel 7 - Wijziging in de overeenkomsten
1. Het bestuur is, mits met goedkeuring van de algemene vergadering, bevoegd
te besluiten tot het wijzigen van de met de leden in de uitoefening van haar
bedrijf aangegane overeenkomsten, mits de coöperatie deze bevoegdheid in
de overeenkomst op duidelijke wijze heeft voorbehouden.
8. Artikel 8 – Benoeming, schorsing en ontslag van het bestuur
1. De algemene vergadering bepaalt het aantal bestuurders met een maximum
van negen. De bestuurders worden uit de leden benoemd. Bestuurders
worden door de algemene vergadering benoemd.
2. Het bestuur benoemt uit zijn midden een voorzitter, een secretaris en een
penningmeester en eventueel plaatsvervangers voor hen. De functies van
secretaris en penningmeester kunnen in één persoon worden verenigd.
Keuzemogelijkheden:
Zijn alle bestuursleden in principe gelijken onder elkaar (bestuur kiest uit haar midden de
voorzitter etc.) of geef je de voorzitter een prominentere plek (primus inter pares) binnen
het bestuur door die te laten benoemen door de ALV? Beide vormen zie je veel terug.
Tip: Bepaal altijd dat er minimaal 2 bestuursleden nodig zijn voor rechtsgeldige
ondertekening van contracten of andere documenten (tekenbevoegdheid).
Bestaat het bestuur uit enkel leden, of streef je naar een maatschappelijk breder bestuur
door ook niet-leden een bepaald aantal bestuurszetels te gunnen? Deze keuze komt bij
het bestuur niet vaak voor, wel als de coöperatie ervoor kiest een coöperatieraad (raad
van toezicht) in te stellen.
3. Het bestuur stelt aan de hand van de voorgeschreven zittingsduur een rooster
van aftreden vast. Daarbij moet worden voorkomen dat het periodiek aftreden
een evenwichtig functioneren van het bestuur in gevaar brengt, om welke
Sterke Statuten, voorbeeldstatuten voor startende coöperaties
Kenniscluster Coöperatieontwikkeling HIER opgewekt
Update mei 2019
10
reden het bestuur van geval tot geval de zittingsduur van een bestuurder mag
verlengen met ten hoogste één jaar.
4. Bestuurders kunnen te allen tijde zonder opgave van redenen door de
algemene vergadering worden geschorst en ontslagen. Een besluit tot
schorsing en ontslag behoeft dezelfde meerderheid van stemmen en
hetzelfde quorum als een besluit tot statutenwijziging.
5. Als ingeval van schorsing van een bestuurslid de algemene vergadering niet
binnen drie maanden daarna tot zijn ontslag heeft besloten, eindigt de
schorsing. De geschorste bestuurder wordt in de gelegenheid gesteld zich in
de algemene vergadering te verantwoorden en kan zich daarin door een
raadsman doen bijstaan.
9. Artikel 9 – Bestuursbevoegdheid
1. Het bestuur is belast met het besturen van de coöperatie. Het bestuur kan uit
zijn midden een dagelijks bestuur benoemen. Het bestuur kan, tot
wederopzegging, taken en bevoegdheden delegeren aan het dagelijks
bestuur.
2. De algemene vergadering kan bij een daartoe strekkend besluit duidelijk te
omschrijven besluiten van het bestuur aan haar goedkeuring onderwerpen.
Een dergelijk besluit van de algemene vergadering wordt onmiddellijk aan het
bestuur medegedeeld. Het ontbreken van de goedkeuring van de algemene
vergadering tast de vertegenwoordigingsbevoegdheid van het bestuur of de
bestuurders niet aan.
Keuzemogelijkheden:
Hoeveel handelingsruimte geef je het bestuur? Artikel 9.2 van Lochem geeft het
bestuur veel ruimte te doen wat haar goed lijkt. De ALV moet expliciete besluiten
nemen om die handelingsbevoegdheid in te perken. Andere coöperaties daarentegen
(bijvoorbeeld WeertEnergie) nemen in hun statuten gedetailleerde bepalingen op voor
welke handelingen het bestuur vooraf goedkeuring nodig heeft.
Aanbevolen wordt om hier wel een aantal zaken op te nemen die vooraf ter
goedkeuring aan de ALV dienen te worden voorgelegd, bijvoorbeeld:
• Jaarstukken
• Meerjarenplanning
• Begroting inclusief investeringsplan komende jaar (uiterlijk in november
voorafgaand aan het begrootte jaar).
• Statutenwijziging
• Aangaan van verplichtingen met grotere financiële risico’s voor zover niet
opgenomen in de begroting
• Dit kan ook verder aangescherpt worden in het Huishoudelijk Reglement zodat het
aangepast kan worden naar gelang de ontwikkeling van de coöperatie.
Sterke Statuten, voorbeeldstatuten voor startende coöperaties
Kenniscluster Coöperatieontwikkeling HIER opgewekt
Update mei 2019
11
10. Artikel 10 – Bestuursvergaderingen
1. Het bestuur vergadert zo dikwijls als de voorzitter of ten minste twee andere
bestuurders dit wensen.
De oproepingstermijn bedraagt ten minste drie dagen.
2. Voor het nemen van rechtsgeldige besluiten is vereist de aanwezigheid van
ten minste de helft van het aantal bestuurders. Indien oproeping niet
rechtsgeldig heeft plaatsgevonden kan het bestuur besluiten nemen indien
alle bestuurders in die vergadering aanwezig of vertegenwoordigd zijn. Het
bestuur kan ook buiten vergadering besluiten nemen, mits alle bestuurders
zich schriftelijk vóór het voorstel hebben uitgesproken. Van besluiten op deze
wijze tot stand gekomen wordt in de eerstvolgende bestuursvergadering
mededeling gedaan.
Keuzemogelijkheden:
Lochem kiest er met art 10.2 voor, de besluitvorming buiten de reguliere vergaderingen
om strak te reglementeren. Er kan ook gekozen worden om het tweede deel van 10.2
weg te laten en te verwijzen naar de HR of een bestuursreglement, zodat er iets meer
vrijheid ontstaat om afspraken te maken die aansluiten bij de dan geldende cultuur
binnen het bestuur. In een algemene bepaling kan worden opgenomen dat het bestuur
zelf nadere regels kan vaststellen omtrent haar werkwijze, taakverdeling,
besluitvorming.
Aanbeveling:
neem in de statuten op dat bestuursbesluiten worden vastgelegd in een besluitenlijst of
register.
11. Artikel 11 – Coöperatieraad (Raad van Toezicht)
1. De algemene ledenvergadering kan overgaan tot het instellen van een
coöperatieraad behartigd met het toezicht op het bestuur.
2. De coöperatieraad bestaat uit een oneven aantal natuurlijke personen met
een minimum van drie (3) en een maximum van zeven (7).
3. De algemene ledenvergadering kan niet-leden uitnodigen zitting te nemen in
de coöperatieraad.
4. Lid van de coöperatieraad kan niet een persoon zijn:
i. Die in dienst is van de coöperatie, ten behoeve van de coöperatie
bepaalde diensten verricht of een belangrijke zakelijke relatie heeft
met de coöperatie.
ii. Die in een periode van 3 jaar voorafgaand aan de benoeming in dienst
was van de coöperatie of lid was van haar bestuur.
iii. Die lid is van het bestuur van de coöperatie
iv. Die verwant, gehuwd of samenwoont met een zittend lid van het
bestuur van de coöperatie
5. De benoemings- ontslag of ontzeggingsprocedures voor leden van de
coöperatieraad zijn gelijk aan die van het bestuur zoals bepaald in deze
statuten.
6. De coöperatieraad bepaalt een eigen rooster van aftreden.
Sterke Statuten, voorbeeldstatuten voor startende coöperaties
Kenniscluster Coöperatieontwikkeling HIER opgewekt
Update mei 2019
12
7. De coöperatieraad stelt een reglement ten behoeve van haar functioneren
vast wat ze ter informatie voorlegt aan de algemene vergadering.
8. De coöperatieraad heeft tot taak toezicht te houden op het beleid van het
bestuur en op de algemene gang van zaken in de coöperatie en de met haar
verbonden ondernemingen. De leden van de raad staan het bestuur gevraagd
en ongevraagd met raad ter zijde.
Keuzemogelijkheden:
• Wel of niet verplichtend opnemen van een toezichthoudend orgaan. Dit artikel
hierboven is een niet-verplichtende vorm (kan instellen)
• Zijn alleen leden of ook niet-leden benoembaar in de raad van toezicht? Lid 3 maakt
het mogelijk niet-leden met specifieke kennis/ervaring te vragen. Dit kan de kwaliteit
van het toezicht verhogen, maar heeft ook invloed op je maatschappelijke profiel.
Wil je naast de raad van toezicht ook nog verplichtend een accountantsverklaring over
de jaarstukken, of laat je dit open naar goeddunken van raad van toezicht?
Aanbeveling:
Denk goed na hoe je het toezicht op het bestuur van de coöperatie regelt. Bij
beginnende coöperaties kan dit belegd worden bij de ALV, waarbij een
kascontrolecommissie zorg draagt voor controle op de jaarstukken. Als de coöperatie
zich verder ontwikkelt, wordt ook het toezicht belangrijker. Dan is bijvoorbeeld een
coöperatieraad een goed middel.
12. Artikel 12 – Vertegenwoordigingsbevoegdheid; tegenstrijdig belang
1. Het bestuur vertegenwoordigt de coöperatie.
2. De vertegenwoordigingsbevoegdheid komt bovendien toe aan twee
gezamenlijk handelende bestuurders.
Keuzemogelijkheden:
Sommige coöperaties kiezen ervoor de voorzitter te laten benoemen door de ALV
(art 8), in die gevallen krijgt de voorzitter vaak ook de bevoegdheid de coöperatie alleen
te vertegenwoordigen, terwijl andere bestuursleden altijd getweeën moeten optreden.
3. Het bestuur is bevoegd, onverminderd het bepaalde in artikel 9 lid 2, aan een
of meer personen al dan niet doorlopende vertegenwoordigingsbevoegdheid
te verlenen.
4. In alle gevallen waarin de coöperatie een tegenstrijdig belang heeft met één of
meer bestuurders kan de algemene vergadering één of meer personen
aanwijzen om de coöperatie te vertegenwoordigen.
Sterke Statuten, voorbeeldstatuten voor startende coöperaties
Kenniscluster Coöperatieontwikkeling HIER opgewekt
Update mei 2019
13
Keuzemogelijkheden:
Dit artikel van Lochem is een beperkte versie van het reglementeren van hoe te handelen
in geval van tegenstrijdig belang. Andere coöperaties (bijvoorbeeld Weertenergie)
bepalen expliciet dat het bestuur ook in geval van tegenstrijdig belang volledig in functie
blijft, tenzij de coöperatieraad (bij Lochem de ALV) iemand anders heeft aangesteld om
de coöperatie te vertegenwoordigen.
13. Artikel 13 – Directie
1. Het bestuur kan een directie benoemen. De directie is werkzaam onder
toezicht en verantwoordelijkheid van het bestuur en wordt door het bestuur
van een schriftelijke instructie (directiereglement) voorzien. Dit
directiereglement wordt voorafgaand aan de benoeming ter goedkeuring
voorgelegd aan de coöperatieraad. Bij het ontbreken daarvan wordt dit
voorgelegd aan de algemene ledenvergadering.
2. De directie is belast met de dagelijkse leiding van het bedrijf.
3. De directie is verplicht de vergaderingen van het bestuur, de coöperatieraad
en van de algemene vergadering bij te wonen, indien dit door het bestuur, de
coöperatieraad of door degene die de algemene vergadering bijeenroept
wordt verlangd.
Aanbeveling:
Hoewel dit artikel voor veel beginnende coöperaties wellicht een ver-van-mijn-bedshow
lijkt, is het aan te bevelen een dergelijk artikel op te nemen. Als de coöperatie zich
voortvarend ontwikkelt, heb je hiermee een instrument in handen waarmee je voorkomt
dat het bestuur teveel in de uitvoering wordt getrokken.
14. Artikel 14. – Algemene vergaderingen
1. De algemene vergaderingen worden gehouden in de gemeente Lochem.
2. Het bestuur roept de algemene vergadering bijeen, zo dikwijls het dit
wenselijk oordeelt of wanneer het daartoe volgens de wet verplicht is.
Aanbeveling:
Bedenk goed wat je in de statuten en wat in het huishoudelijk reglement wilt opnemen.
Met deze reglementering bepaal je mede de cultuur van de vereniging.
Keuzemogelijkheden:
• Lochem bepaalt hiermee dat het uitroepen van een ALV via een
meerderheidsbesluit van het bestuur moet plaatsvinden. Andere coöperaties kiezen
voor bepalingen die ook een minderheid de bevoegdheid geeft een ALV bijeen te
roepen.
• Afhankelijk van wat je hebt opgenomen in artikel 9 (bestuursbevoegdheid) kan je
hier of het wettelijk minimum (1x voor de jaarstukken), of minimaal 2 x (ook
begroting en aanverwante stukken) opnemen.
Sterke Statuten, voorbeeldstatuten voor startende coöperaties
Kenniscluster Coöperatieontwikkeling HIER opgewekt
Update mei 2019
14
3. De bijeenroeping van de algemene vergadering geschiedt door schriftelijke
mededeling aan de vergadergerechtigden met in achtneming van een termijn
van ten minste zeven dagen. Het bestuur kan voorwaarden stellen aan het
gebruik van elektronische communicatiemiddelen.
4. Bij de oproeping worden de te behandelen onderwerpen vermeld.
Keuzemogelijkheden:
LochemEnergie houdt hier een minimale termijn van 7 dagen aan. Andere coöperaties
kiezen voor 2 tot 4 weken als minimale termijn. Aangeraden wordt om minimaal 2
weken te kiezen.
5. Op schriftelijk verzoek van ten minste een zodanig aantal leden als bevoegd
is tot het uitbrengen van een tiende gedeelte van de stemmen in een voltallige
algemene vergadering, is het bestuur verplicht tot het bijeenroepen van een
algemene vergadering op een termijn van niet langer dan vier weken na
indiening van het verzoek. Aan de eis van dit schriftelijke verzoek is niet
voldaan als het verzoek slechts elektronisch is vastgelegd.
6. Indien aan het verzoek binnen veertien dagen geen gevolg wordt gegeven,
kunnen de verzoekers zelf tot de bijeenroeping van de algemene vergadering
overgaan op de wijze als in lid 3 van dit artikel bepaald. De verzoekers
kunnen alsdan anderen dan bestuurders belasten met de leiding van de
algemene vergadering en het opstellen van de notulen.
7. Indien geen schriftelijke bijeenroeping van de algemene vergadering
plaatsvond, kan de algemene vergadering niettemin rechtsgeldige besluiten
nemen, mits alle stemgerechtigden ter vergadering aanwezig of
vertegenwoordigd zijn, tenzij een zodanig aantal der aanwezigen als
gerechtigd is tot het uitbrengen in die vergadering van een tiende gedeelte der
stemmen zich daartegen verzet.
8. Het bepaalde in de eerste zin van dit lid is van overeenkomstige toepassing
op besluitvorming door de algemene vergadering indien bijeenroeping van de
algemene vergadering geschiedde op een kortere dan voorgeschreven
termijn of indien onderwerpen worden behandeld die niet op de agenda zijn
vermeld.
15. Artikel 15 - Toegang en stemrecht
1. Toegang tot de algemene vergadering hebben de leden die niet geschorst
zijn, de personen die deel uitmaken van de organen van de coöperatie, en
degenen, die daartoe door het bestuur en/of de algemene vergadering zijn
uitgenodigd. Een geschorst lid heeft toegang tot de vergadering waarin het
besluit tot schorsing wordt behandeld, en is bevoegd daarover het woord te
voeren.
2. Stemgerechtigd in de algemene vergadering zijn de leden die niet geschorst
zijn. Ieder van hen heeft één stem. Iedere stemgerechtigde kan aan een
andere stemgerechtigde schriftelijk volmacht verlenen tot het uitbrengen van
zijn stem. Aan de eis van schriftelijkheid van de volmacht wordt voldaan
indien de volmacht elektronisch is vastgelegd. Het bestuur kan voorwaarden
Sterke Statuten, voorbeeldstatuten voor startende coöperaties
Kenniscluster Coöperatieontwikkeling HIER opgewekt
Update mei 2019
15
stellen aan het gebruik van elektronische communicatiemiddelen. Deze
voorwaarden worden bij de oproeping bekend gemaakt. Een stemgerechtigde
kan voor ten hoogste twee personen als gevolmachtigde optreden.
Keuzemogelijkheden:
Volmacht wordt ook vaak beperkt tot 1 persoon. Aanbevolen wordt in geen geval voor
meer dan 2 volmachten per persoon te kiezen.
Artikel 15.2 staat in samenhang met datgene wat bepaald is in artikelen 3 en 6 waar
de keuzes gemaakt zijn met betrekking tot lidmaatschap en geldmiddelen. Als daar
gekozen is om leden die extra kapitaal inbrengen ook extra stemrecht te geven, dan
moet dit hier overeenstemmend daarmee terug komen.
3. Een eenstemmig besluit van alle stemgerechtigde leden, ook al zijn deze niet
in een vergadering bijeen, heeft, mits met voorkennis van het bestuur
genomen, dezelfde kracht als een besluit van de algemene vergadering.
4. De voorzitter van de vergadering bepaalt de wijze waarop de stemmingen in
de algemene vergadering worden gehouden.
5. Alle besluiten waarvoor bij de wet of bij deze statuten geen grotere
meerderheid is voorgeschreven worden genomen bij volstrekte meerderheid
van de uitgebrachte stemmen.
6. Bij staking van stemmen over zaken is het voorstel verworpen. Staken de
stemmen bij verkiezing van personen, dan beslist het lot.
Indien bij verkiezing tussen meer dan twee personen door niemand een
volstrekte meerderheid is verkregen, wordt herstemd tussen de twee
personen die het grootste aantal stemmen kregen, zo nodig na
tussenstemming.
16. Artikel 16 - Vergaderorde
1. De algemene vergaderingen worden geleid door de voorzitter van het bestuur
of, bij diens afwezigheid, door een andere aanwezige bestuurder.
Zijn geen bestuurders aanwezig, dan voorziet de vergadering zelf in haar
leiding.
2. Het door de voorzitter ter algemene vergadering uitgesproken oordeel omtrent
de uitslag van een stemming is beslissend. Hetzelfde geldt voor de inhoud
van een genomen besluit, voor zover werd gestemd over een niet schriftelijk
vastgelegd voorstel.
Wordt onmiddellijk na het uitspreken van het oordeel van de voorzitter de
juistheid daarvan betwist, dan vindt een nieuwe stemming plaats, indien de
meerderheid der vergadering of, indien de oorspronkelijke stemming niet
hoofdelijk of schriftelijk geschiedde, een stemgerechtigde aanwezige dit
verlangt.
Door deze nieuwe stemming vervallen de rechtsgevolgen van de
oorspronkelijke stemming.
3. Van het ter algemene vergadering verhandelde worden notulen gehouden
door de secretaris of door een door de voorzitter aangewezen persoon.
Sterke Statuten, voorbeeldstatuten voor startende coöperaties
Kenniscluster Coöperatieontwikkeling HIER opgewekt
Update mei 2019
16
Deze notulen worden in dezelfde of in de eerstvolgende algemene
vergadering vastgesteld en ten blijke daarvan door de voorzitter en de
secretaris van die vergadering ondertekend.
Keuzemogelijkheid:
Wat leg je vast in de statuten, wat leg je liever vast in het Huishoudelijke Reglement?
17. Artikel 17 – Boekjaar, jaarstukken
1. Het boekjaar van de coöperatie is gelijk aan het kalenderjaar.
2. Jaarlijks binnen zes maanden na afloop van het boekjaar, behoudens
verlenging van deze termijn met ten hoogste vijf maanden door de algemene
vergadering op grond van bijzondere omstandigheden, maakt het bestuur een
jaarrekening op en legt deze voor de leden ter inzage ten kantore van de
coöperatie. Binnen deze termijn legt het bestuur ook het jaarverslag ter inzage
van de leden, tenzij de artikelen 2:396 lid 6 of 2:403 Burgerlijk Wetboek voor
de coöperatie gelden.
De leden kunnen de stukken aldaar inzien en er kosteloos een afschrift van
verkrijgen.
3. Het bestuur kan zich bij het opstellen van de jaarrekening laten bijstaan door
een (register)accountant die een verklaring overlegt een en ander zoals
bedoeld in artikel 2: 58 lid 1 in verband met artikel 2:48 lid 2 Burgerlijk
Wetboek.
Keuzemogelijkheden:
Een coöperatie kan ook kiezen voor controle door een kascommissie, te benoemen
door de ALV. Zeker zolang er in de coöperatie nog geen grotere financiële risico’s
worden gelopen, is dit aan te bevelen uit kostenbesparende overwegingen.
Opmerking:
Lochem verplicht zichzelf níet tot controle van de jaarrekening. Het is aan het bestuur
om wel of niet voor controle te kiezen. Deze zeer open vorm van controle wordt niet
aanbevolen.
4. De opgemaakte jaarrekening wordt ondertekend door de bestuurders;
ontbreekt de ondertekening van een of meer van hen, dan wordt daarvan
onder opgave van redenen melding gemaakt.
5. De jaarrekening wordt vastgesteld door de algemene vergadering die het
bestuur uiterlijk een maand na afloop van de in het tweede lid van dit artikel
bedoelde termijn doet houden. Vaststelling van de jaarrekening strekt niet tot
kwijting aan een bestuurder.
Sterke Statuten, voorbeeldstatuten voor startende coöperaties
Kenniscluster Coöperatieontwikkeling HIER opgewekt
Update mei 2019
17
Keuzemogelijkheden:
In de laatste zin van artikel 17.5 kiest LochemEnergie ervoor dat het bestuur
verantwoordelijk blijft over gedane en goedgekeurde zaken. Meest gangbaar is om te
kiezen voor de zinsnede dat “vaststelling van de jaarstukken strekt tot kwijting aan een
bestuurder”. Dit maakt een eventueel later af te sluiten verzekering voor
aansprakelijkheid van bestuurders wellicht ook goedkoper.
18. Artikel 18 – Winst
1. Van de winst wordt een gedeelte- ter grootte zoals door de algemene
vergadering op voorstel van het bestuur vast te stellen- gereserveerd.
Het niet-gereserveerde gedeelte van de winst wordt uitgekeerd aan hen die in
het betreffende boekjaar lid waren (verbruikersdividend), volgens een bij
reglement vast te stellen verdeelsleutel.
Verbruikersdividend dat niet binnen vijf jaren na vaststelling is opgeëist,
vervalt aan de coöperatie.
Aanbeveling:
Een dergelijk artikel als dit is niet in alle statuten terug te vinden. Aanbevolen wordt wel
een bepaling op te nemen wat te doen met mogelijke winst. Een coöperatie is immers
een bedrijf dat mogelijk winst gaat maken.
19. Artikel 19 – Statutenwijziging, Ontbinding en Juridische Fusie of Splitsing
1. De statuten kunnen slechts worden gewijzigd door een besluit van de
algemene vergadering, waartoe is opgeroepen met de mededeling dat aldaar
wijziging van de statuten zal worden voorgesteld, genomen in een
vergadering met een meerderheid van tenminste drie/vierde van het aantal
uitgebrachte stemmen, ongeacht het aantal aanwezige leden.
2. De termijn voor de oproeping tot een zodanige vergadering bedraagt ten
minste veertien dagen. Zij die de oproeping tot de algemene vergadering ter
behandeling van een voorstel tot statutenwijziging hebben gedaan, moeten
ten minste vijf dagen vóór de vergadering een afschrift van dat voorstel,
waarin de voorgedragen wijziging woordelijk is opgenomen, op een daartoe
geschikte plaats voor de leden ter inzage leggen tot na afloop van de dag
waarop de vergadering wordt gehouden.
Het bepaalde in dit artikel is niet van toepassing, indien in de algemene
vergadering alle leden aanwezig of vertegenwoordigd zijn en het besluit tot
statutenwijziging met algemene stemmen wordt genomen.
3. Het bestuur is verplicht de statutenwijziging bij notariële akte vast te leggen.
4. De bestuurders zijn verplicht een authentiek afschrift van de akte van
statutenwijziging en een volledige doorlopende tekst van de statuten, zoals
deze na de wijziging luiden, neer te leggen bij het handelsregister.
5. Het bepaalde in lid 1 van dit artikel is van overeenkomstige toepassing op een
besluit van de algemene vergadering tot ontbinding van de coöperatie, tot
juridische fusie en tot juridische splitsing.
Sterke Statuten, voorbeeldstatuten voor startende coöperaties
Kenniscluster Coöperatieontwikkeling HIER opgewekt
Update mei 2019
18
20. Artikel 20 - Vereffening
1. De algemene vergadering stelt bij haar besluit tot ontbinding de bestemming
vast voor het batig saldo.
2. De vereffening geschiedt door het bestuur tenzij de algemene vergadering
andere vereffenaars benoemt.
3. Indien de coöperatie op het tijdstip van haar ontbinding geen baten meer
heeft, houdt zij op te bestaan. In dat geval doet het bestuur daarvan opgaaf
aan het handelsregister.
4. Na de ontbinding blijft de coöperatie voortbestaan voor zover dit tot
vereffening van haar vermogen nodig is.
Gedurende de vereffening blijven de bepalingen van de statuten voor zoveel
mogelijk van kracht. In stukken en aankondigingen die van de coöperatie
uitgaan, moeten aan haar naam worden toegevoegd de woorden ‘in
liquidatie’.
5. De vereffening eindigt op het tijdstip waarop geen aan de vereffenaars
bekende baten meer aanwezig zijn.
6. De coöperatie houdt in geval van vereffening op te bestaan op het tijdstip
waarop de vereffening eindigt. De vereffenaars doen daarvan opgave aan het
handelsregister waar de coöperatie is ingeschreven.
7. De boeken en bescheiden en andere gegevensdragers van de ontbonden
coöperatie blijven nadat de coöperatie heeft opgehouden te bestaan onder
bewaring van de door de vereffenaars aangewezen persoon, gedurende de
door de wet gestelde termijnen.
Binnen acht dagen na het ingaan van zijn bewaarplicht moet de aangewezen
bewaarder zijn naam en adres opgeven aan het handelsregister.
21. Artikel 21 Reglement
1. De algemene vergadering kan een of meer reglementen vaststellen en
wijzigen, waarin onderwerpen worden geregeld waarin door deze statuten niet
of niet volledig wordt voorzien.
2. Een reglement mag geen bepalingen bevatten, die strijdig zijn met de wet of
met deze statuten.
Voormelde statuten zijn vastgesteld bij akte van oprichting op ………………………
Tot slot:
we hopen je hiermee van voldoende gespreksstof voor de inhoud van jullie statuten
te hebben voorzien en wensen je veel succes met jullie coöperatie in oprichting!